Woordenboek Vlaamse dialecten
Het 'Woordenboek van de Vlaamse dialecten' registreert op een wetenschappelijk verantwoorde en tegelijk vlot leesbare manier de moderne (vanaf 1880) dialectwoordenschat van Frans-, West-, Oost- en Zeeuws-Vlaanderen. Zo ontsluit het werk een belangrijk deel van ons cultureel erfgoed.
Aan dit taalwetenschappelijk project van de Universiteit Gent dat is gestart in 1972, verleent het provinciebestuur van Oost-Vlaanderen al sinds 1980 jaarlijks een aanzienlijke subsidie.
Regelmatig verschijnen er nieuwe publicaties.
- Inleiding
-
Deel I: Landbouwwoordenschat
- Akkerland en weiland
- Behuizing
- Het Erf
- Ploegen
- Rund 1
- Spitten, eggen , rollen
- Bemesting
- Waterhuishouding
- Rund 2
- Paard 1
- Pluimvee
- Kleinvee
-
Deel 2: Niet-agrarische vaktalen
- De mandenmaker
- De strodekker
- Handspinner en touwslager
- De kuiper en de hoepelmaker
- De molenaar
- De timmerman en de meubelmaker 1
- De zeevisser
-
Deel 3: Algemene woordenschat
- Vogels
- Land- en waterfauna
- Flora
- Karakter
- Verstand en gevoel
- School en kinderspelen
- Het menselijk lichaam
Contact
dienst Kunsten & Cultuurspreiding
PAC Het Zuid
Woodrow Wilsonplein 2
9000 Gent
tel.09 267 72 60